Code voor professionele en betrouwbare overheid
17-10-2008
De code is bedoeld om continu aandacht te besteden aan de professionaliteit en betrouwbaarheid van overheidsorganisaties als Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen. Bij deze organisaties werken vele duizenden mensen en gaan vele miljarden euro’s om. De beginselen van ‘deugdelijk overheidsbestuur’die in de code worden vermeld zijn:
1. openheid en integriteit;
2. goede dienstverlening;
3. participatie;
4. doelgerichtheid en doelmatigheid;
5. rechtmatigheid en rechtvaardigheid;
6. zelfreinigend en lerend vermogen;
7. verantwoording.
Zowel voor de medewerkers als voor de burgers moet duidelijk zijn hoe deze beginselen in praktijk worden gebracht.
Omdat “goede dienstverlening” een van de speerpunten is van het kabinet, is dit ook een relevant onderwerp van de code. Hierbij is het belangrijk uit te gaan van wat burgers verwachten (“burger centraal”) en om die reden wordt verwezen naar de BurgerServiceCode van het ICTU-programma Burgerlink. "Het bestuur zorgt voor een goede dienstverlening door de organisatie."
Een overheidsorganisatie kan verschillende rollen hebben. Soms treedt een overheidsorganisatie op als handhaver, soms als partner, soms als dienstverlener. In de rol van de organisatie als dienstverlener zorgt het bestuur voor een goede kwaliteit van dienstverlening. Goede dienstverlening betreft de diensten zelf, maar ook de wijze waarop het contact met burgers plaatsvindt. Daarbij zijn medewerkers van de organisatie klantgericht, servicegericht, correct en ontvankelijk. Het bestuur zet zich in voor toepassing van de BurgerServiceCode of de principes daarin. Het bestuur maakt duidelijk wat de burger mag verwachten”, zo valt de lezen in de concept code.
De koepelorganisaties Vereniging van Nederlandse Gemeenten, Unie van Waterschappen en Interprovinciaal Overleg is gevraagd hun advies uit te brengen aan de werkgroep. Verder kunnen bestuurders en leidinggevenden uit het openbaar bestuur de concept code bespreken in ronde tafelgesprekken. Ook vinden onderzoeken plaats onder ambtenaren en burgers.
Het consultatietraject duurt tot eind november. De werkgroep rondt naar verwachting in januari 2009 de werkzaamheden af met een advies aan minister Ter Horst.
Bron: www.e-overheid.nl
1. openheid en integriteit;
2. goede dienstverlening;
3. participatie;
4. doelgerichtheid en doelmatigheid;
5. rechtmatigheid en rechtvaardigheid;
6. zelfreinigend en lerend vermogen;
7. verantwoording.
Zowel voor de medewerkers als voor de burgers moet duidelijk zijn hoe deze beginselen in praktijk worden gebracht.
Omdat “goede dienstverlening” een van de speerpunten is van het kabinet, is dit ook een relevant onderwerp van de code. Hierbij is het belangrijk uit te gaan van wat burgers verwachten (“burger centraal”) en om die reden wordt verwezen naar de BurgerServiceCode van het ICTU-programma Burgerlink. "Het bestuur zorgt voor een goede dienstverlening door de organisatie."
Een overheidsorganisatie kan verschillende rollen hebben. Soms treedt een overheidsorganisatie op als handhaver, soms als partner, soms als dienstverlener. In de rol van de organisatie als dienstverlener zorgt het bestuur voor een goede kwaliteit van dienstverlening. Goede dienstverlening betreft de diensten zelf, maar ook de wijze waarop het contact met burgers plaatsvindt. Daarbij zijn medewerkers van de organisatie klantgericht, servicegericht, correct en ontvankelijk. Het bestuur zet zich in voor toepassing van de BurgerServiceCode of de principes daarin. Het bestuur maakt duidelijk wat de burger mag verwachten”, zo valt de lezen in de concept code.
De koepelorganisaties Vereniging van Nederlandse Gemeenten, Unie van Waterschappen en Interprovinciaal Overleg is gevraagd hun advies uit te brengen aan de werkgroep. Verder kunnen bestuurders en leidinggevenden uit het openbaar bestuur de concept code bespreken in ronde tafelgesprekken. Ook vinden onderzoeken plaats onder ambtenaren en burgers.
Het consultatietraject duurt tot eind november. De werkgroep rondt naar verwachting in januari 2009 de werkzaamheden af met een advies aan minister Ter Horst.
Bron: www.e-overheid.nl
