Sla menu over en ga naar de inhoud

Daadkracht B.V. - Nieuwe Wet Bescherming Persoonsgegevens besch...

  • Startpagina |
  • Nieuws |
  • Nieuwe Wet Bescherming Persoonsgegevens beschermt Internetgebruiker onvoldoende
-

Nieuwe Wet Bescherming Persoonsgegevens beschermt Internetgebruiker onvoldoendeLeesVoor

16-11-2001 - De per 1 september jl. ingevoerde Wbp blijkt onvoldoende waarborgen te bieden voor de bescherming van persoonsgegevens op internet. In deze nieuwe wet is een belangrijke rol weggelegd voor het bedrijfsleven om zelf via onderlinge afspraken garanties te bieden voor de privacy van de consument. Maar met name de toegenomen technische mogelijkheden voor het verzamelen, koppelen, analyseren en opslaan van persoonsgegevens vormen een steeds grotere bedreiging voor deze privacy. Daarom concludeert EPN op basis van onderzoek dat er één krachtig orgaan moet komen, dat namens de overheid toezicht houdt op de door het bedrijfsleven te maken afspraken.


De per 1 september jl. ingevoerde Wbp blijkt onvoldoende waarborgen te bieden voor de bescherming van persoonsgegevens op internet. In deze nieuwe wet is een belangrijke rol weggelegd voor het bedrijfsleven om zelf via onderlinge afspraken garanties te bieden voor de privacy van de consument. Maar met name de toegenomen technische mogelijkheden voor het verzamelen, koppelen, analyseren en opslaan van persoonsgegevens vormen een steeds grotere bedreiging voor deze privacy. Daarom concludeert EPN op basis van onderzoek dat er één krachtig orgaan moet komen, dat namens de overheid toezicht houdt op de door het bedrijfsleven te maken afspraken.

In haar rapport stelt EPN dat het succes van de elektronische snelweg valt of staat met het vertrouwen van de consument. Om dit vertrouwen te (her)winnen is het essentieel dat de Internetgebruiker er op kan vertrouwen dat er zorgvuldig met zijn of haar gegevens wordt omgegaan. Hiervoor is het noodzakelijk dat het bedrijfsleven bereid is sluitende afspraken te maken over het verwerken van persoonsgegevens. Daarbij moet een goede balans worden gevonden tussen het commerciële belang van bedrijven en het recht op bescherming van persoonsgegevens van consumenten. Naar de mening van EPN is het daarom van het grootste belang dat een toezichthoudend orgaan voldoende middelen en bevoegdheden krijgt om naleving van deze afspraken af te dwingen. Juist hier maakt de Wbp geen keuze en verwordt de wet tot een papieren tijger.

Zelfregulering door het bedrijfsleven is voor EPN (naast regelgeving) een essentieel instrument om persoonsgegevens op internet te beschermen. Alleen wanneer betrokken bedrijven zelf afspraken maken die op flexibele wijze kunnen worden aangepast aan nieuwe ontwikkelingen, kan de consument een adequate bescherming van zijn persoonsgegevens worden geboden. De wet benoemt naast toezicht, gedragscodes, privacy audits en interne privacyfunctionarissen als instrumenten voor de bescherming van persoonsgegevens.

Maar op basis van haar onderzoek concludeert EPN dat deze instrumenten in hun huidige vorm onvoldoende garanties bieden voor een echt doeltreffende zelfregulering. De belangrijkste redenen hiervoor zijn de vrijblijvende houding van het bedrijfsleven en het verbrokkelde toezicht. De Wbp blijft uitgaan van verschillende vormen van toezicht die naast elkaar bestaan en kiest niet voor één onafhankelijk orgaan dat van overheidswege toezicht houdt. Alleen een dergelijk centrum met voldoende middelen en bevoegdheden kan het naleven van zulke collectieve afspraken afdwingen.

In de huidige situatie ligt het voor de hand dat het College Bescherming Persoonsgegevens, als onafhankelijk toezichtorgaan van de overheid, de middelen krijgt om daadwerkelijk dit centrum van toezicht te worden. In de visie van EPN zou het nieuwe, met voldoende middelen en bevoegdheden toegeruste College onder meer de manier waarop bedrijven omgaan met persoonsgegevens en de bijbehorende privacystatements op internet moeten waarmerken. Met zo’n waarmerk draagt het College bij aan het noodzakelijke vertrouwen in online dienstverlening.

Over het onderzoek

Het onderzoek is in de periode mei-oktober door EPN uitgevoerd en valt uiteen in een serie gesprekken met deskundigen en een analyse van wetgeving en relevante wetenschappelijke literatuur. De conclusies uit het onderzoek zijn vervolgens in verschillende EPN expertmeetings getoetst aan de praktijk. De resultaten van het onderzoek en de expertmeetings zijn samen met een serie aanbevelingen te vinden in een uitgebreid dossier met als titel: het vertrouwen van de internetgebruiker. Het dossier is online te vinden op de epn website. (www.epn.net). U kunt het ook aanvragen op het bureau van EPN.
 
EPN - Platform voor de Informatiesamenleving

EPN is een onafhankelijke stichting met als doel de evenwichtige maatschappelijke inbedding van informatie- en communicatietechnologie te bevorderen. In dit platform zijn het bedrijfsleven, de politiek, het maatschappelijk middenveld, de wetenschap en de overheid vertegenwoordigd. EPN voert onderzoek uit, publiceert en organiseert bijeenkomsten over thema's rond ict en samenleving.

Bron: persbericht van EPN, EPN is klant van Daadkracht

LeesVoorLees voor